Colruyt perikelen

De colruyt is een winkel waar ik nu en dan eens ‘iets voorheb’, zo blijkt.

De voorlaatste keer wandelde ik langs de schepsnoepjes. Voor mij liep een man. De man graaide in de bak van de blauwe muntspekjes. Die langwerpige. De snoepjes belandden in zijn jaszak. Hij wandelde even verder, deed alsof zijn neus bloedde (logisch, hij zal er geen dansje staan doen) en wat verder haalde hij er eentje uit zijn zak en smikkelde hem binnen.

Jammer dat ik hem niet meer tegenkwam of ik ging wel eens een opmerking gegeven hebben in de zin van: ‘lekker he, die blauwe snoepjes’. Zou hij schaamrode kaken krijgen? Of zou het hem niets doen? Vroeg ik me dan af, slenterend naar de volgende gang. Weinig volk die dag. Zalig.

Vandaag daarentegen, veel te veel volk. Vakantievolk. Ik ben gewend om boodschappen te doen buiten de spitsuren. Met zo weinig mogelijk kinderen mee op de meest kalme tijden. Dat probeer ik toch. Maar in de vakantie en een week gesloten opvang is er geen andere optie. ’t Is niet dat mijn kinderen er een boeltje van maken, nee hoor, zeker niet. Gewoon, liever alleen. Preventief werken noem ik het. Waarschijnlijk wat beroepsmisvorming.

Ik winkel met kind en kar. Dan gebeurt het. Kar stoot andere kar. Hand van kind zit tussen kar. Kind krijst. Vinger bloedt. Moeder manoeuvreert uit de frigo’s en troost gelijk een moeder troosten kan. Ik vloek binnensmonds want die karren manoeuvreren niet gelijk ik wil dat ze het doen.

Na alle pijntjes weg te sssstttsssttssttt-en wil hij niet meer in de kar. Gelukkig ben ik bijna rond, nog even look halen. Ik zet hem hiervoor op de grond. Kind ziet ladder. Kind kruipt op ladder. Moeder haalt hem eraf. Kind krijst en spartelt. En dan komt de medewerkster.

‘Ah madam, mag ik eventjes reclame maken voor de babybox. Die kan je aanvragen tot je kindje vier weken is. Jou zoontje is al te oud, maar wie weet komt er nog een volgende, of ken je iemand in de toekomst?’

Ondertussen strekt en krijst Emiel zich in mijn armen. Beleefd luister ik naar haar verhaal maar ondertussen wandel ik stapvoets achteruit naar mijn kar. Ik zeg nog dat ik er waarschijnlijk geen drie zal hebben maar wens ze veel succes met haar box.

Eenmaal thuis geef ik hem eten, stop hem in bed en eet ik alleen mijn stuutjes op. In een lookloos huis. Want die ben ik in alle heisa vergeten.

The diary of a mom’s life.. Spannender wordt het niet mensen 🙂

 

 

 

Advertenties

Dubbele boeking

Godmiljaarde.

Mijn eerste reactie toen mijn frang viel dat er komende zaterdag een dubbele boeking in de agenda stond. Of toch, 1 iets stond er in. Onze date night. De avond of dag dat we de kinderen ergens droppen, om er met zijn tweetjes op uit te trekken. Zo gingen we al muurklimmen, naar het casino, lekker gaan eten.. Nu zaterdag was het zover, al een heel eind hangen onze tickets voor Freddy Devadder (you love it or hate it) aan de frigo. Iets waar ik al een eindje naar uitkeek. Mooie plaatsjes, zevende rij.

En nu staan ze te koop. Want Amber en ik gaan blijkbaar zaterdag naar de k3 show in Oostende. Complete misboeking. Bij mij staat het ingepland op augustus. Augustus begod. Hoe deze fout in mijn agenda is geslopen, god mag het weten. Het is in elk geval niet te combineren met de avondshow in Waregem.

Niettegenstaande dat deze show wel leuk zal zijn voor Amber en ik, samen met twee vriendinnetjes en bevriende mama’s, ik vind het toch jammer dat onze date night niet kan doorgaan.

Maar we lieten het los, en kijken erg uit naar de show op zaterdag. Erg benieuwd naar de reactie van Amber. Want ze is momenteel nul komma nul geïnteresseerd in K3. Heeft geen enkele film gezien, luister geen liedjes van de drie, kijkt nog steeds naar pj masks en masha, ipv k3, of princessia en toestanden. Het enige dat ze nu heeft is een springbal van de oude k3, gekocht voor 50 cent op de tweedehandsbeurs. En, recent, een k3 kleedje. We doen voor een keer mee met de meute om niet uit de toon te vallen zaterdag.

Rest me nog de vraag. Moet ik mijn kind kenmerken zodat ik ze terugvind tussen al die schreeuwende, met k3 beklede kinders? Zal ik misschien een fluoriserende olifant op haar voorhoofd schilderen?

Wie weet wordt dit het begin van een k3 fase.. Al hoop ik dat ze de ondeugende masha de beer nog lang niet links laat liggen. Het grappige ondeugende kind die buiten de lijntjes kleurt. En pj masks, de stoere kinderhelden zonder vrees.

Tot de volgende! Oftewel, oya lele!

Denk ik.

Ouderzonden: #woede

funny-children-quotes-dad-illustrations-spaghetti-toes-martin-bruckner-6

Ira (woede – toorn – wraak – gramschap)

 

Waarmee duwen de kinderen op je spreekwoordelijke knoppen?

De oudste:

Wanneer ze blijft doordrammen. Oeh ik heb dat écht niet graag. Doordrammers. En eigenlijk, zie ik mezelf er soms in. Raar toch.. Als ik iets graag wil, dan ga ik er voor. Tot ik op het punt kom dat ik echt besef dat ik het niet zal krijgen of dat het niet zal lukken. Maar eerst moet ik alles zelf geprobeerd hebben om tot die conclusie te komen. Ik kan er precies dan pas vrede mee nemen. Ik heb graag het laatste woord en ik wil overal mijn mening over geven waar ik denk dat ik het moet geven.

En ja, meet mijn dochter. Ik zie er vaak krak dezelfde eigenschappen in. Op kleuterniveau. Goeie eigenschappen, maar soms. Soms!! Zou ik ze achter het behang plakken.

Wat ik ook niet zo kan appreciëren is wanneer ze een drama maakt.

Ik ben uiterst allergisch voor dramaqueens. Zowel in de volwassen versie als de kinderversies. Misschien is dat ook terug een deeltje van mezelf. Ik sta zelf niet graag in de belangstelling wanneer het niet nodig is. Ik krijg er de krul dan van als mijn dochter het nodig vind om een drama te maken van.. noem maar op. Ik merk wel, door niet in te gaan op ‘drama’, dat die minder vaak voorkomt. Was dat maar bij volwassen mensen ook zo. 

Verder wil ik ook dat ze manieren heeft en beleefd is. Zowel thuis als ergens anders. Anders heeft moeder de vrouw niet veel nodig om uit haar krammen te schieten.

Oja en treuzelen, daar heb ik ook een bloedhekel aan. En weer zie ik mezelf hierin soms terug. Karma is getting to me.

De jongste:

’s Nachts wakker worden. Of te vroeg. Zoals al een dag of drie het geval is. En omdat ik enkele dagen thuis ben, sta ik op. Tot Davy deze morgen om 5u30 zei: ‘ik zal wel opstaan’. Den engel. Het kruipt redelijk rap in mijn kleren. En het moment zelf ben ik cranky. Echt niet te genieten. En het is sterker dan mezelf maar ik kan er ook niet stil om zijn. Ik begin te mompelen en te vloeken terwijl ik opsta en naar boven tsjaffel. Ochtendhumeur heb ik dan weer niet.

Jammeren. Ken je dat, dat wenen maar niet echt wenen. Jammeren, zagen, achterlopen. Hangen. Aan je been. Zelfs als je op het toilet zit. Ik heb echt waar nog de grote boodschap zitten verkondigen met Emiel op mijn schoot. Of nergens ‘wel’ zijn. Komen vragen om gepakt te worden, om dan terug op de grond te willen. Wenend. Geen raad weten met zichzelf. Tot ikzelf geen raad weet met mezelf.

Gelukkig kan ik zeggen dat hij al bij al een content ventje is. Hallelujah. En Amber is ook meestal haar huppelende happy zichzelf. En ik moet zeggen, hoe ouder ik word en hoe langer ik mama ben. Hoe meer ‘ervaring’, hoe gezapiger ik het allemaal aanpak. Steeds zo consequent mogelijk, maar die knop moet ik gelukkig niet zoveel gebruiken.

 

Ouderzonden: #gulzigheid

cartoon-of-a-business-person-with-two-answers_1207-254

Gula (onmatigheid – gulzigheid – vraatzucht) 

De volgende vraag in de reeks ouderzonden:

Wat kan je kinderen nooit weigeren wanneer ze erom vragen?

Hmm.. er is 1 grote regel. Wanneer ze iets willen, dan vragen ze het. Normaal. Niet roepen, tieren, wenen, zagen, op de grond gooien, enz. De kleinste da’s een ander verhaal, die kan nog niet praten. Die moet het allemaal nog leren. Hoewel hij ’s avonds zijn melk al ‘vraagt’, met zijn handje zwaaiend naar de kast en een smoeltje van ‘komt er nog wat van?’.

Als we naar de winkel gaan mag ze soms wel eens iets kiezen. Niet altijd. Ik hou zo niet van het belonen met voeding. Een snoep krijgen omdat ze flink is in de winkel, je zal het mij niet zo vlug zien doen. Ik laat ze af en toe wel iets kiezen maar het is zeker geen standaard verhaal.

Toen ze nog kleiner was zat dit allemaal in de leerfase. Ik had een geluk dat Amber niet het type was om zich in de grond te gooien. Al heb ik ze 1 keer apart gezet in de supermarkt. Voor zover je dat kan. Ergens in een hoek aan de kruiden was het. Kind schreeuwt. Mensen staren. Moeder in ’t zweet, je kent het wel.

Wat is dat een lastige periode. Daar zie ik wel wat tegenop om het Emiel allemaal bij te brengen. Maar het brengt wel op. Dat zal ik mezelf herhaaldelijk in het hoofd moeten herhalen. Twee dingen. Het brengt op. Het is een fase. Herhalen herhalen herhalen.

Weigeren doe ik regelmatig wel eens (natuurlijk), hoewel ze geen type is die constant dingen zit te vragen. Gaan we naar de speelgoedwinkel een cadeau gaan halen voor iemand anders, dan begrijpt ze dat ze zelf niets krijgt.

Wat ik nooit of te nooit mijn kinderen zal weigeren is ons huis en de warmte van ons gezin. De schouder en steun. Hoe oud ze ook zullen zijn, ze zullen altijd welkom zijn. Ik hoop dat ze dat ook zullen doen.

Ik weet nog toen ik tiener was, mijn moeder me altijd zei: wat er ook is, je mag altijd bellen ’s nachts, gelijk wanneer. Ga nooit mee met iemand in de auto. Ik kom je altijd halen. Ik zal niet boos zijn, bij eender wat. Dan was er die nacht, dat ik stomdronken naar huis moest maar amper op mijn benen kon staan, laat staan de fiets naar huis nemen. Met de woorden van mijn ma in mijn met alhochol gedrenkte hersenen belde ik mijn moeder op. Die kwam me halen. No questions asked. No judgement.

Ik weet niet meer of ze zich dat nog herinnert maar het is mij wel bijgebleven.

Ik hoop dus als er iets is, dat mijn kinderen de weg naar ons blijven vinden.

 

 

Ouderzonden: #afgunst

jaloers

Invidia (nijd – jaloezie – afgunst)

Wat zou je direct overnemen van een andere ouder mocht je kunnen?

De vierde vraag in de reeks van ouderzonden. Een moeilijke. Ik ben van nature niet jaloers. Ik benijd andere mensen zelden. Iemand die het beter doet dan mij, de’s te beter voor hen. Ik sta daar zo niet bij stil. En wat is ‘beter’ doen eigenlijk. Zo subjectief.

Wat ik momenteel in gedachten heb:

 

  • ouders die consequent elk jaar fotoalbums maken en dan ook de mooiste er van in de prachtigste portretten uithangen. Bij ons staat nog steeds Amber in een schoon kaderke van vier jaar geleden. Emiel moet het stellen met een gewoon fotooke aan een knijpertje dat vasthangt aan een ikeabord. Onze inkom toont nog steeds het canvas van ons ‘drie’. Ik moet misschien die bon van de fotograaf eens innen. 

 

  • ouders die tonnen energie hebben. Die vliegen door hun huishouden en zich overal in engageren. Een beetje overdreven misschien maar je snapt het wel he.

 

  • ouders die veel naar buiten trekken. Ik ook hoor, af en toe. Maar ik geef toe, het weer moet redelijk oké zijn. Hoedje af voor ouders die naar buiten trekken bij de minste gelegenheid. Op speelpleinen of aan zee aanwezig zijn met sjaal, muts en heel de hutsekluts.

 

  • ouders die verre reizen maken met hun koters. Ik steek het altijd op Davy, die een verre reis niet zien zitten maar eerlijk gezegd ben ik het ook. Ik haat tsjolen. O wat haat ik tsjolen en zeulen met gerief. Wij verkennen Frankrijk op het gemak. Niet te ver.

 

  • ouders die op regelmatige basis naar de bib trekken. De oudste is niet geïnteresseerd in boeken maar toch vind ze het leuk om te gaan en een dvd uit te kiezen of er wat rond te hangen. Bij de oudste spelen we elke avond voor slapengaan memory in plaats van een verhaaltje voorlezen. De jongste zal misschien meer interesse hebben? Dan zal ik toch eens moeten leren om ze tijdig terug te brengen.. Van een zonde gesproken…

 

 

 

 

Ouderzonden: #Onkuisheid

I-love-me

Luxuria (onkuisheid – lust – wellust)

De ouderzonden op mijn tempo.. de derde in de rij: onkuisheid – lust – wellust. De vraag luidt:
Wat doe je om jezelf graag te blijven zien en dit over te brengen aan je partner nu je in de eerste plaats vooral ‘ouder van …’ bent?

Ik probeer, nu dat ik op gewicht ben, ook op gewicht te blijven.

Ik zie mezelf graag op deze manier. Ik wil er ook goed uitzien voor mijn partner. Moet dat dan met 68 kilo zijn? Nee, maar nu het zo is voel ik me er wel goed bij. Enkele kilootjes meer of minder mogen wel, maar boven de 70 liever niet meer. Met mijn 1m75 is dat een goede balans.

Je hoeft niet mager te zijn om mooi te zijn, mager en ongelukkig, dat trekt ook op niets. Je moet je gewoon goed voelen, ongeacht het cijfer op de weegschaal. De rest komt dan wel.

Naast mijn gewicht probeer ik ook om op andere vlakken voor mezelf te zorgen. Zorgen dat het goed zit in het koppie maar ook op tijd en stond naar de kapper, deftige kleren aan mijn lijf.. Als we ergens naartoe gaan of uit, dan maak ik mezelf ook helemaal op.

Zo zie ik mezelf graag en voel ik me goed. Dat breng ik automatisch over naar hem. Niet alleen door er uiterlijk goed uit te zien, maar ook door genoeg tijd te nemen voor mezelf. Ik die overstressed ben of teveel hooi mijn vork neem, er niet geraak om een of andere reden, niemand die daar gelukkig van wordt. Niemand die een kieken zonder kop rond zijn vodden wil.

Ik probeer te anticiperen door hier genoeg tijd voor te nemen. Ga ik er toch over, roep ik mezelf terug.

Breng ik dat bewust over naar mijn partner? Tgo nee. ’t Is enkel door erover te schrijven dat ik er zo bij stil sta. Ik ga niet lopen te denken dat ik naar de kapper moet om hem content te stellen. Ik stel vooral mezelf content daarmee en dat stroomt door naar de andere leden van het gezin. Er zijn tal van dagen/ochtenden dat ik er redelijk belabberd uitzie ’s ochtends. Wallen, puisten, bleek,… hij moet er ook op kijken als het eens zo een dag is. Dus ik loop er niet altijd spik en span bij. Make-up draag ik de laatste weken/maanden niet meer elke dag.

Ik hoor hem niet klagen. Hij zal wel content zijn zeker.

En om op het laatste deel van de vraag te beantwoorden: ik voel me niet op de eerste plaats ‘ouder van’. Ik probeer mezelf op een gedeelde eerste plaats te zetten. Komen de kinderen dan niet eerst? Tot op een bepaalde hoogte wel. Maar ik zie mezelf toch ook vree graag en daar handel ik ook naar. Komt alleen maar ten goede van de rest van mijn crew.

Ouderzonden: #Hebzucht

gxtqhef

Avaritia (hebzucht – gierigheid)

Wat deel je nooit met je kind(eren)? 

Wat ik nooit met mijn kinderen deel… Nooit is zo een ‘extreem’ woord. Of hoe moet ik het omschrijven…

Laat ons zeggen dat het uitzonderlijk is, dat 1 van mijn kinderen in ons bed zal belanden. Wij staan er op dat onze kinderen in hun eigen kamer slapen. Waarom vind ik dat zo belangrijk. Ons bed is iets tussen Davy en mij. Wij maken daar geen gewoonte van omdat dat 1 van de enige plaatsen is waar wij ongestoord een gesprek kunnen voeren.

Wij doen vaak nog eens een klapke als we gaan slapen. Da’s soms niet zo lang. Maar toch. Of zo ’s nachts eens wakker worden, je nog eens draaien en de andere eens goed vastpakken. Of mijn koude voeten opwarmen tussen zijn benen. Liefst geen kinderen in ons bed.. Behalve als ze ziek zijn. Dan mogen ze al eens een kotske doen. Nog niet zolang geleden was dat jammer genoeg zo.. Of toen ze nog heel mini waren, en in slaap vielen toen ik ze borst gaf, ik liggend op mijn zijde, dommelde ik dan ook vaak even in..wat zalig was dat toch…

Ik deel ook echt echt echt niet graag mijn bord… Oh jee.. het is zelfs zo erg, als ik zie dat hun stukske vlees bijna op is, ik het mijne rapper opeet. Dan kunnen ze er niet meer achter zagen. Ik heb ooit eens eens stukje verstopt onder mijn puree, haha!

‘Mama heb jij nog een beetje?’ Nee sprotje, nee, alles is op’. En ja.. met een afgestreken gezicht eet ik de puree of shame zonder een greintje schuldgevoel op.

Mommy doesn’t share food. Ohja, jawel hoor. Tuurlijk deel ik mijn eten nu en dan. Maar meestal niet met mijn volle goesting.

Het gaat soms zo ver, als ik hun bordje zie, dat ik soms hoop dat ze het niet helemaal opeten, dan kan ik de rest binnen smikkelen.

Zeg me alsjeblieft dat ik niet de enige ben…

Ouderzonden #hoogmoed

hoogmoed

Superbia (hoogmoed – hovaardigheid – ijdelheid)

Waarom ben jij een goede ouder? Waar blink jij in uit?

Waar blink ik in uit? Waarom ben ik een goede ouder? Het eerste dat bij me opkomt is, dat ik van mezelf vind dat ik inderdaad een goede ouder ben. Ook al heb ik soms heel veel twijfels. Doe ik het wel goed? Neem ik wel de juiste beslissing? Is dit het beste voor mijn kind? Zal mijn kind er beter van worden? Ben ik goed bezig?

Maar, daarnaast ben ik me er ook erg van bewust dat een opvoeding niet alleen door een ouder of naaste familie gebeurt. Opvoeden is iets dat je deelt. Niet alleen met je partner, ouders schoonouders, familie van welke graad dan ook. Je kind wordt ook opgevoed op school, door vrienden, de maatschappij, tv, sociale media enzovoort enzovoort.

Ik ga er vanuit dat ik als ouder mijn best doe met alles wat ik weet en in me heb. En dat is voor mij een belangrijke factor. Meer kan ik niet doen. En daarom ben ik een goede ouder. Een kind hoeft toch ook geen 80 procent te halen. Haalt het 60, is het dan een dom kind of een slechte student? Zolang het zijn best deed binnen zijn mogelijkheden, is het een goed resultaat.

En waar ben ik nu goed in. Uitblinken in..

  • Consequent zijn: Tja, ik ben nu eenmaal opvoedster van opleiding.. De lessen psychologie, pedagogie, ortho, omgaan met… hebben me niet alleen in mijn job vooruit geholpen. Ook bij mijn kinderen denk ik vaak terug aan bepaalde lessen.. Consequent zijn naar mijn kinderen toe, geeft hen een soort veiligheid denk ik. Ze weten wat ze kunnen verwachten en dat brengt rust. Nee is nee. Lukt dat altijd? Nee hoor! Maar ik probeer het wel. Ook omgekeerd probeer ik mij daar zoveel mogelijk aan te houden. Als ik iets beloof aan mijn kinderen, dan probeer ik dat te doen. Zeg ik dat we straks iets samen gaan doen, dan doe ik dat. Het werkt vise versa. Ik hecht veel belang aan woorden en wat je noemt mondelinge overeenkomsten. Ik merk dat Amber dat ook soms begint over te nemen: ‘maar je had toch gezegd dat…’, als ik iets niet doe wat ik heb gezegd. En gelijk heeft ze.
  • Luisteren: ik probeer te luisteren en te praten. Veel praten. Om te horen wat er in hen om gaat. Ik vind het erg belangrijk dat ik weet hoe mijn kinderen zich voelen. En ik wil dat ze weten dat ze bij me terecht kunnen.
  • Complimentjes geven: positieve bekrachtiging geven. Wauw goed gedaan, flink zo, wat een super flinke zus ben jij, enz… Ik zie ze dan kijken van onder haar vodden, een klein glimlachje. Een spontane knuffel,.. zegt me genoeg. Straf ik niet? Jawel. Maar ik zoek het liever in de andere richting. Elke dag.
  • Samen dingen doen: Hier probeer ik heel bewust van te zijn. Ik probeer bijvoorbeeld om mijn huishouden zoveel mogelijk te doen als de kinderen niet thuis zijn. Met mijn job lukt dat redelijk. Tijd vrijmaken om te spelen, samen dingen te doen. Genieten van de tijd die we samen hebben. Ik merk dat het soms moeilijk lukt, als de planning helemaal verkeerd zit, of als Emiel ziek thuis is. Of als ik plots veel na elkaar moet werken. Maar het lukt me vrij goed. Behalve een week of twee geleden, toen alles hier in de soep draaide. Een te drukke planning, een ziek kind en ik had het vlaggen.

 

En jullie? Waar blinken jullie in uit?

 

 

 

 

 

 

Blogchallenge: Ouderzonden

Ik had me in het uurtje en half dat ik mezelf had gegund om te eten en te pauzeren, voorgenomen om een postje te schrijven over de overheerlijke wraps die ik daarnet heb klaargemaakt. Echt waar. Za-lig zijn ze. Zo zalig dat ik besloot niet samen te eten met de kleine maar die in bed te droppen en daarna gewoon te genieten. Alleen eten. Zonder geween, gegooi, gesnotter en gekweel. Niet dat het altijd zo is, maar de mogelijkheid bestaat. Dus, gewoon ik en mijn eten. Luxe!

Ik gooide de heerlijkheid al op Instagram en dan vloeien ze soms wel eens door naar de blog met het recept er bij. Maar, toen ik eerst eens op Facebook scrolde kwam ik de post van Liese tegen. Juist ja, dacht ik, ging ik nog even checken. Kwam ik daar wel geen challenge tegen zeker die me wel heel erg aanspreekt.

Even de links aangeklikt van de oprichters (Big City Life en Compleet Geluk), daarna even de deelnemers bekeken (wow, veel!) en daarna ook nog even overdonderd zijn door enkele grote vissen in de wereld van het online bloggen. Ik voel me altijd zo een mini-tje in de ‘bende’ schrijvers en schrijfsters. Waarschijnlijk onderschat ik mezelf wel een beetje. Maar toch!

Goed, de challenge. Helemaal mijn ding. Kort samengevat: 7 vragen, afgeleid van 7 hoofdzonden. Meer uitleg over het hoe en waarom:zie hier. Ik heb bewust de posts van mijn vriendin niet gelezen. Ga ik nadien in 1 ruk eens doen, dan ga ik ook eens piepen bij de andere bloggers (inderdaad: win-win!).

Ik kom een weekje achter dus schrijf ik vandaag over hoogmoed, zaterdag komt de tweede vraag en volgende week nummer drie.

To be continuid!

 

 

Terug naar de basis

Onlangs zeiden we tegen elkaar: dit wordt een lastige periode. Ja, het wordt inderdaad een lastige periode. Het ís ook een lastige periode. We hebben het nu over ons kleinste mormeltje. Die momenteel een beetje het centrum van ons bestaan lijkt te zijn. Een beetje overdreven natuurlijk.. maar veel draait rond hem. Hij is een goeie 15 maanden. Een zalige leeftijd. We lachen ons dikwijls krom. Hoe hij wiggelwaggelt door de living met een doosje inktpatronen, die hij gepikt heeft uit het schof waarvan hij weet dat hij er niet mag inzitten. En leutig dat het is. We zeggen vele keren ‘oooh’ als hij samen speelt met zijn zus. Er zitten ook verzuchtingen bij als hij weeral eens alles volgesmost heeft, de aarde van de plant heeft rondgegooid, voor de vierde keer zijn pamper vol heeft ge…, weent voor een onverklaarbare reden, wakker komt in het midden van de nacht, nét wanneer je de dag erop een vroege dienst moet draaien of wanneer je na een late maar om 23u in je bed bent gerold.

Er wordt hier vaak gepland in functie van hem. Vragen er vrienden of familie om iets te doen dan wordt dat automatisch gekoppeld aan: en wat doen we met Emiel. We staan er niet om te springen om hem in een ander (reis)bedje te steken, om dan laat uit te halen en naar huis te brengen. Het gebeurt, maar met uitzondering, want het geeft mij vaak een slecht gevoel. Al geniet ik ten top van de avond. Ik denk dan: hij had thuis in zijn eigen bedje kunnen liggen. Met als gevolg dat er zorgvuldig gepland en nagedacht wordt over onze uitjes. Het gebeurt dan ook vaak dat de ene thuisblijft terwijl de andere weg is. We hebben geen vaste babysit en doen enkel beroep op familie. Ergens naartoe gaan met een 15 maander is niet zo evident. Het hangt er ook van af waar je gaat. Een huis met iemand met kinderen is voor mij aangenamer dan een huis waar geen kinderen gewend zijn. En dan nog. Constant een peuter nahollen is niet echt een ontspannend uitje. Soms gebeurt het dat we ergens naartoe gaan maar hij is niet in zijn element. Hij is hangerig, of weent. Dan kijken we naar elkaar en ja, stappen we soms op.

Het is een keuze. Er zijn ook gezinnen waarvan kinderen overal meegaan op eender welk uur. Als dat werkt, waarom niet. Iedereen doet waar hij of zij er zich het best bij voelt.

Naast hem hebben we ook grote zus. En ik sta er op om ook met haar dingen alleen te doen. Zoals vandaag. Zij en ik, gaan zwemmen terwijl Emiel in de opvang is. Dat had ik zo geregeld. Het was zalig, een uurtje in het frisse (soms wat té frisse, brrr) sop wat ravotten en spelen en haar daarna afzetten in de turnles. Daarna een uurtje in de cafetaria koffie drinken en even relaxen. Wat gaat een uur toch rap!

We vallen terug op onszelf. Cocooning heet dat blijkbaar. Het is genieten maar ook verdomd knokken. Niets vanzelfsprekend nemen, goed plannen en tijd nemen.

Prioriteiten stellen.

Eentje gaan drinken ’s avonds, eens weggaan. Ik weet nooit de dag erop of ik fris man zal kunnen zijn of wat de nacht zal brengen. Als we dikke pech hebben komt hij wakker ’s nachts van een of andere tand die zit te duwen. Als we geluk hebben slapen we door (en dat is steeds vaker!) maar mijn ouder wordend lijf lijkt me soms wel eens te straffen wanneer ik volgens ‘haar’ te laat in mijn bed ben gerold.

En ja ook bloggen én ze lezen, vervalt wat op de achtergrond. Komt door mijn sjaal die ik heb gehaakt. Die had even voorrang, als ik deze winter nog een warme nek wilde hebben.

Ik ben zeker dat ik binnen een jaar, wanneer ik mijn twee pagadders naar school ga kunnen brengen, meer tijd zal hebben voor mijn vrienden en familie.

Momenteel ben ik voor sommigen wat verder weggerold. Maar ik ben niet weg hoor, zie je mij niet piepen daar in de verte? Als je even geduld hebt, kom ik er langzaam maar zeker wel terug aan.