Een lesje in offline zijn

Je weet het ondertussen al. Ik heb voor mezelf een goed evenwicht gevonden tussen online en offline zijn. Enkel wanneer ik daar goesting en tijd voor heb, gaat de knop op aan. Zo kan ik mij beter focussen op de dingen die voor mij op dit moment het meest mijn aandacht verdienen of nodig hebben.

Zoals dat klein smoefelaartje die hier naast mij zit te eten. Hij is ondertussen alles aan het rondsmossen. Wrap met kip all over the place momenteel. Hij eet met zijn handen. Er hangt ook overal tartaarsaus. Ik vraag me af waarom ik de moeite doe om alles in een bordje te leggen. Je zou de grond eens moeten zien. Pas op, ik hoef er niet over te klagen, ik stoor er me niet echt aan. Ik denk alleen soms hoe blij ik misschien wel zal zijn als de dag komt dat hij met een vork zijn eten zelf in zijn mond zal kunnen steken. Zonder het bord om te kieperen. En de opkuis, het ene moment liever dan het andere. Maar momenteel heb ik liever dat hij zelfstandig smost dan dat ik hem proper met een lepel voed.

Het lesje dat ik gisteren heb geleerd? Ik moet misschien vaker mijn mails beginnen checken. Gisteren was het zes dagen geleden dat ik mijn inbox bekeek. Behalve om een mail te sturen en te kijken naar het antwoord, zag ik niet echt het nut om de rest asap grondig te bekijken. Had ik die mail van 16 november gezien, dan stond ik gisteren niet in de bibliotheek, met Amber in pyjama, denkend dat het voorleesfeest ‘dresscode pyjama’ was. Dat ik in de bib stond, was mijn fout. Ik moest eigenlijk in de hoofdschool staan. Daar was Amber ingeschreven voor het voorleesfeest. Het zag er een leuke avond uit met juffen die zouden voorlezen, (groot)ouders, allen in pyjama, lekker gezellig. Niet te lang maar ook niet te kort, om 19u30 gedaan. Ideaal om na afloop thuis te komen en rechtstreeks naar bed te gaan.

Mijn frang was al deels gevallen toen ik de schuifdeur binnenstapte en zag dat er daar geen enkel kind rondliep in nachtkledij. Enkel Amber met haar gloednieuwe rendierpyjama en Minnie Mouse savatjes die we de middag zelf nog zijn gaan halen. Aan de balie kwam ik te weten dat ten eerste, ik op de verkeerde locatie stond en ten tweede, het voorleestfeest was afgelast wegens te weinig inschrijvingen. ‘Hebben ze je niet verwittigd misschien?’ Euh. Ja, blijkt dus achteraf.

Daar stond ik dan. Na te denken welk vervolg er hier aan zal komen, hopen dat de ontgoocheling niet te groot zou zijn. Want ze zag er wel naar uit. Ze leek het haar niet aan te trekken. We gingen naar het toilet waar ze haar jas afdeed. En ik zag dat ze content was. Was ze was in de bib. In haar pyjama. Dat zij de enige was en dat er geen juffen, geen (groot)ouders, geen voorleesfeest was, kon haar precies geen bal schelen. Ze was zottecontent en was duidelijk van plan haar eigen voorleesfeest te organiseren.

Dus dacht ik what the hell. Met de jas in de hand trokken we van toiletten terug naar de bib. Amber speelde er, snuisterde in boekjes, begon haar eigen spel en trok zich buiten het feit dat ze veel plezier had, van de rest geen sikkepit aan.

 

 

Advertenties

hashtag jinnendertig

DSC_0002.JPG

Hip zijn voor een paar eurootjes! (Action)

Gisteren werd ik 31 jaar en dat werd ook die dag beklonken met een vriendin. Ze had een mooie witte orchidee mee. Precies of ze kon al weken mijn gedachten lezen. Die groene pot stond al zolang op mijn keuken. Leeg. Smachtend naar een schoon bloemeke. Zwaar in de weg. Want een bloempot hoort niet op een keuken. En als hij blijft staan wordt de functie van bloempot omgeschakeld naar rommelpot. Speldjes, kleingeld, stylo’s.. Ik was dus in mijn nopjes. Al de rommel er uit, bloempje erin.. Je zou denken dat ik zelf een bloemetje kon halen maar niets is minder waar. Geen tijd (wat een flauw flauw excuus)!

We hadden een date, toevallig op mijn verjaardag, ik had er zelfs niet bij stilgestaan denk ik toen ik datum vastlegde. Rustig daten. Take away pasta, glaasje cava, glaasje wijn. Dat laatste valt dankzij de vermoeidheid wat zwaar maar niettemin was het leuk om iemand te zien en lekker bij te kletsen op mijn verjaardag. Hoewel ik vind dat verjaardagen niet persee moeten gevierd worden de dag zelf.

Maar ze moeten gevierd worden. Sommige mensen willen niet meer vieren als ze ouder worden. De dag moet zo rap mogelijk passeren. Ikke wel. Integendeel. Hoe ouder ik word hoe meer ik gevierd wil worden. Vier mij, godterdimme! Ik heb dus dit jaar mijn liefste letterlijk laten weten dat ik iets verwacht. Vroeger dacht ik er anders over. Verjaardagen, kerst, enz enz. Wij zijn niet het genre cadeau-mensen. We zijn eigenlijk content met elkaar en wat we hebben. Door de jaren heen hadden we afgesproken dat we verjaardagen vierden met een ontbijtmand, samen tijd nemen voor elkaar. Niet te veel ‘tralala’.

Maar wat dacht ik toch eigenlijk. Ja, ik wil tientallen berichtjes op Facebook (ja dat is echt wel een pluspuntje. Dat voelt toch super als je al die berichtjes kan liken van mensen die de moeite en tijd nemen om aan je te denken. Shame on me dat ik er nu zelf begin te vergeten omdat ik minder op fb zit (sorry schoonmamaatje!). Ja, ik wil van iedereen die het wil piepers krijgen. Ja, ik wil horen dat ik er goed uitzie voor ‘mijn 31′ en ja ik wil een cadeau.

Maar liefst niet te veel. En niet te duur. Want daar word ik ongemakkelijk van. Tenzij je samen legt met een paar mensen. Da’s iets anders, natuurlijk!

Eigenlijk ben ik blij dat ik ouder ben. Ik heb het gevoel dat ik de laatste jaren veel geleerd heb. Niet alleen door het verder studeren, maar ook dingen die je alleen maar kan leren, door ouder te worden. Door ervaring. Door al lang in het werkveld te staan. Door een langdurige relatie te hebben. Door kinderen te hebben en een eigen gezin te starten. Ik heb ook het gevoel dat ik, bij het ouder worden, meer durf. En dat ik bij dat durven soms wel eens val, maakt me niet triest maar dankbaar. Omdat ik leer.

Ik zeg vaak tegen Amber: ‘als je iets wil kunnen, moet je veel oefenen’. En als er iets haar niet lukt zeg ik: ‘kijk. Denk na. Hoe kan je dit oplossen?’ Het kind is vier maar ik wil haar leren dat je met huilen niets kan oplossen. Dat je na het tranen drogen 1, eerst zelf probeert te kijken voor een oplossing en 2, hulp mag vragen als het je zelf niet is gelukt.

Levenslessen die ik zelf heb ondervonden en geleerd, doorgeven aan mijn kinderen in de opvoeding. Dat ook is ouder worden. Dat is voor mij 31 zijn.

 

 

 

 

 

 

 

Altijd bereikbaar

Soms heb ik het gevoel dat de knop altijd op ‘aan’ staat. Ik heb het nu vooral over de smartphone en de daaraan verweven app’s en sociale media. Het zal waarschijnlijk aan mij liggen, ik weet niet waarom ik er zo ‘gevoelig’ aan ben. Ik kan me enorm storen aan al dat ‘gepingel’. Toen ik een tijd geleden in een volle wachtruimte van de dokter zat, mijn Facebook te checken. Stuitte ik op een filmpje. Toen was het iets nieuws dat filmpjes automatisch beginnen afspelen. Mijn geluid stond vollen bak. Een onnozel filmpje. Alle koppen draaien naar mij. Ik gooi er nog een ‘shit’ uit. Vind na wat sukkelen de volume knop. En trek mij er aan op dat de persoon naast mij het nog kluchtig vond. Kort erna vloog de app van mijn telefoon.

Whapsapp, de wordpress app, messenger,… allemaal handige en leuke app’s. Maar vanaf nu staan de meldingen van de dingen die mij het meest storen, definitief uit. Begrijp me niet verkeerd, eigenlijk vind ik dat geweldig dat het kan. Hoera voor technologie en alles die er bij hoort. Maar ik steek er meer van mijn kostbare tijd in dat ik eigenlijk wil.

Ik luisterde onlangs naar een podcast over energie en hoe je jou energie kan beheren en het maximale uit je dag halen. Dit was er 1 van. Zet de knop vaker uit. Men zei dat, telkens je afgeleid wordt, het tien minuten duurt eer je terug ‘heropstart’. Dus vooraleer je terug productief bent. Dat zal wel een gemiddelde zijn. Dan nog, tel maar eens voor jezelf op hoe vaak je afgeleid wordt door je smartphone.. Daarnaast heb je nog andere afleidingen. De kinderen bijvoorbeeld. Of gewoon een simpel telefoontje. De hond, kat, de call from mother nature. Noem maar op.

Zelf ben ik een persoon die vlug is afgeleid. Vooral als ik vermoeid ben. En met twee kinderen die graag het krieken van de dag meemaken… Ik heb bij mezelf al wat automatismen ingebouwd, die me hierbij helpen. Maar ik heb alvast mijn besluit gemaakt. De knop gaat vaker uit. Concreet betekent dat voor mij dat ik me minder laat afleiden door de smartphone. Dat deed ik door de Facebook app er af te gooien, en de meeste app-meldingen uit te zetten. De Instagram meldingen blijven aan. Want die blijft mijn numero uno. Simpel, niet tijdrovend. Kort en bondig. Me like.

 

 

Tabula rasa

Ik vroeg me daarnet af, of ik helemaal opnieuw zou beginnen met mijn blog. Alles wissen, ander thema, ander lettertype, alles anders. Alle berichten weg. Met een leeg blad beginnen.

Vanwaar komt die vraag..

Ik heb hier en daar wat oudere berichten zitten lezen en merk dat ik qua schrijfstijl redelijk wat ben geëvolueerd. Ik vind enkele van mijn oudere berichten zelfs maar niets. De schrijfstijl, de onderwerpen, hoe ik ze heb uitgeschreven. Ik vind sommige niet mooi uitgetypt. Soms eindeloos lang en saai. Of volledig naast de kwestie. Ik ben er een paar beginnen wissen. Dan ben ik gestopt. Elk bericht opnieuw lezen. Dat geeft geen nut. En dan begon ik na te denken. Waarom wissen van iets waar ik die tijd wel achterstond. Het is uiteindelijk wel iets van mezelf geweest. Je kan ook geen boek schrijven, het publiceren en na enkele jaren in elk huis elk boek gaan ophalen en verbranden. Het is ook gemakkelijk.

Dus ik denk er anders over. Wat ik schreef en hoe ik het verwoordde, was op dat moment oke voor mij. Daar hou ik het nu bij. En het is wel mooi om de evolutie te zien van mezelf in het schrijven.

Misschien vind ik sommige van mijn berichten van nu binnen vijf jaar ook maar niets. Je kan het misschien vergelijken met het lezen van je dagboek dat je terugvind na al die jaren. En bovendien, zijn er ook andere berichten die erg leuk zijn om terug te zien. Zoals hier, over de tijd toen ik zwanger was bijvoorbeeld. Of hier en hier, waar ik recepten deelde en schreef over mijn liefde voor eten. Ja liefde, geen overdreven woordkeuze. Of over mijn mooie familie en gezin. En tal van andere verhalen..

Ik blijf dus gewoon verder bollen. En jullie, bloggers, begrijp je wat ik bedoel? Ooit al eens gereboot?

Ooit wil ik

Ooit wil ik de wereld zien. Wil ik over bergen trekken of door woestijnen rijden. Wil ik plaatsen zien waar anderen zelden komen. Of beter nog. Wil ik op een plaats komen waar niemand ooit is geweest. Wil ik logeren bij locals en wil ik zien hoe het is daar, in die andere wereld. Wil ik proeven van ‘hun’ keuken en wil ik leren van hun gewoontes.

Ooit wil ik een waaghals zijn. Wil ik racen in een wagen. Wil ik springen uit een vliegtuig. Wil ik bungeejumpen vanop de hoogste brug. Wil ik duiken in de diepste zee, of klimmen op de hoogste berg.

Ooit wil ik toneel spelen. Wil ik spreken voor een volle zaal. Wil ik mij inleven in een rol. Wil ik ontdekken of ik het kan. Wil ik uit mijn comfortzone stappen en mijn eigen grenzen verleggen.

 

Durf te dromen…maar..

want-quote

Sneak peek at my week

 

Ik maakte ravioli. Het was een leuke dag. Alles wat moest gedaan zijn, was gedaan. Geen gehaast, tijdsdruk of wat dan ook. In het oorspronkelijke recept moest ik wontonvellen gebruiken om de ravioli te maken. Natuurlijk waren er in de verste verte geen wontonvellen te bespeuren. Na wat opzoekwerk blijkt het iets Aziatisch te zijn. Ik ben ietsje teleurgesteld in mijn Italiaans kookboekje. Maar soit, ik besloot om dan zelf mijn pasta te draaien. Zo ontspannend voor mij. Als ik kook mag het voor mij gerust stil zijn. En liefst niemand rond mij. Deze ravioli was met een zalmvulling en een citroen-dille saus. Verrassend lekker.

IMG_20171005_231800.jpg

Ik had een date. We zien elkaar veel te weinig. Dus daar moest iets aan gedaan worden. Het werd een ongelofelijk gezellige avond. Waar ik twee cava’s mengde met een joekel van een triple sec koffie. Ik ging de dag erop gaan werken met een kleine kater. Ik postte de foto op Instagram én Facebook. So not me dat laatste. Met hashtags enal zelfs! Ik ben een Instagirl (bestaat dat woord?). Maar kijk, ook vriendschap is een werkwoord en niets is vanzelfsprekend. Dus ik was blij om de avond door te brengen met mijn sweety. Een van de weinigen waar ik de slappe lach mee kan krijgen, waarbij de tranen van over je wangen rollen en je buik pijn doet van het lachen.

DSC_0012.JPG

Ik heb een schaap gekocht. Amber had toen ze klein was ook zo een schaap, die is lange tijd haar lievelingsbeertje geweest. Ik spotte deze in Delhaize en twijfelde niet. Dit exemplaar is wel redelijk groot. Met als gevolg dat Emiel hem niet moet hebben. Dus heb ik het schaap geadopteerd. En slaap ik vanaf nu met een beer. Ik kan het iedereen aanraden 🙂

IMG_20171013_123743.jpg

Vraag me niet waarom maar ik ben dit jaar fan van chrysanten. Ik vind ze prachtig en ik associeer ze totaal niet met kerkhoven of trieste tijden. Ze staan buiten net achter het keukenraam. Telkens als ik buiten kijk fleuren ze mij op.

We dropten de kroost vrijdagavond bij mijn schoonouders. Die wonen heel handig dichtbij Oostende 🙂 Ideaal voor onze date night! We gingen voor ‘iets anders’ en aten voor de eerste keer Mexicaans. Een dikke vette royal mojito met een bordje vol vettigheid en als hoofdgerecht een bordje vol met nog meer vettigheid. Maar oh zo lekker. Na het eten gingen we op mijn verzoek eerst een avondwandeling maken. We gingen op de pier en moesten terugkeer maken want de wind deed pijn aan onze oren. Hoe romantisch! Of het aan de leeftijd ligt, vraag ik me af. Tien jaar terug ging ik er waarschijnlijk bij wijze van spreken in mijn ondergoed rondgedarteld hebben. Ofja.. eigenlijk niet echt bij wijze van spreken maar da’s een ander verhaal… haha. Ik was doodcontent toen we arriveerden in het casino en ik na inschrijving de toiletten kon opzoeken want ik moest pipi doen van de koude. En mijn haren kammen. En mijn lipstick bijwerken. Davy mocht alweer wachten op mij.. zal hij dit ooit gewoon worden..? 🙂 Toen ik buitenkwam was hij, typisch, al een praatje aan het slaan met de wc mevrouw. Hij is niet het type die zijn smartphone bovenhaalt. Hij doet een klapke. I love him for it. (Ik ben trouwens wél dat type).

We namen plaats aan de roulette tafel. Hij speelde en ging met redelijk wat winst naar huis. En ik genoot van dit alles, van onze avond. We kunnen er weer tegen. Binnen een week of zeven is het weer zover. De oppas is al geregeld!

 

Het M-decreet

Het M-decreet. Voor de ene misschien onbekend en indien bekend misschien wel onbemind voor de mensen die er mee te maken hebben.

Het M-decreet is, kort gezegd, een beslissing van minister Crevits, om het reguliere onderwijs, inclusief te maken. Kinderen met een beperking, stoornis, speciale noden, laten deelnemen aan het gewone onderwijs.

Inclusie.Een mooi woord. Wat is er mooier, mensen te integreren in de ‘gewone’ wereld. Inclusief zijn betekent, samen met elkaar, voor elkaar. Elkaar respecteren en elkaar aanvaarden met elk zijn rugzak. En die rugzak van een ander helpen dragen. Hoe moeilijk en hoe zwaar die rugzak ook is. Iets dat vele voorzieningen hoog in het vaandel dragen. Dagelijks worden er vele initiatieven, mensen en middelen ingezet, om mensen met een beperking zoveel mogelijk te integreren in het dagdagelijkse leven. En er worden bruggen gebouwd, bergen verzet, met een lach op het gezicht, van de zorgvrager en de zorgverlener. Een mooie harmonie.

Voorzieningen, begeleiders, deskundigen, die de kennis en ervaring hebben om met vele problematieken om te gaan, dragen maar al te graag hun steentje bij om al dat moois te verwezenlijken. Het is namelijk niet zo vanzelfsprekend, omgaan met autisme, dyslexie, dyscalculie, ADD, ADHD, aandachtsstoornissen, gedragsproblematieken, enz…

Het M-decreet schets hierin zijn beeld. Als een deel van deze kinderen kunnen meedraaien in het gewone onderwijs, dan is dat inclusief werken. En is dat een meerwaarde voor beide partijen. De schoolgemeenschap, de medeleerlingen, het kind met noden. Het kan iets moois zijn. Kinderen die zorgen voor elkaar. Die leren omgaan met iemand anders, met een rugzak, en die helpen dragen.

Hoewel, dat je het als leerkracht, ouder en kind, niet alleen kan. Dus laten we elkaar helpen hierbij. De expertise die er in het buitengewoon onderwijs aanwezig is. Een multidisciplinair team van ergotherapeuten, kinesisten, opvoeders, en nog zoveel meer. Is er niet in het gewone onderwijs. Er is enkel het kind, de ouder en de school.

En dan kan er hulp ingeroepen worden. Van GON begeleiding, van zorgleerkrachten. Van mensen met kennis van zaken, die ondersteuning kunnen bieden aan alle partijen.

Je zal de ouder maar zijn. Je merkt dat je kind thuiskomt met problemen. Je merkt dat je kind anders is. Je doet een test, en die bevestigd al dan niet je vermoedens. En je gaat op zoek naar hulp. Want elke ouder wil dat zijn kind gelukkig is. En dat kan, ook al heeft het extra ondersteuning nodig. Je wil dat je kind, terwijl jij gaat werken, in een veilige begripvolle omgeving zit. Die weet wat je kind nodig heeft. En dat gaat niet alleen over autisme, maar ook fysieke beperkingen, verstandelijke beperkingen, …

Je zal de leerkracht maar zijn. Je merkt dat het kind in je klas anders is. Of je merkt het niet, maar de ouders komen je vertellen, dat er bijvoorbeeld autisme is vastgesteld. Iets dat in een klas niet altijd duidelijk is, maar thuis des te meer. Een kind die elke dag zijn uiterste best doen om mee te draaien, en thuis moet ontladen, … Maar wat is dat juist, autisme? Of dyslexie? Of hoe moet ik in godsnaam omgaan met gedragsproblemen? Of wat kan ik doen om dat kind te ondersteunen? Want ik heb ook nog 19,20,21,… andere kindjes in mijn klas die ik elke dag mijn aandacht moet kunnen geven.

Je zal het kind maar zijn. Je merkt dat je anders bent. En je doet je best om mee te draaien. En je kan alleen maar hopen dat die grote mensen de juiste beslissingen nemen.

En die zijn er. Er zijn zoveel mogelijkheden om te helpen. Extra hulp, begeleiding. Zolang er maar voldoende dialoog is tussen alle partijen.

Waar het M-decreet dan misschien wel faalt? De nodige middelen en begeleiding voorzien. Om inclusie mogelijk te maken. Het is en blijft een mooi woord, en het kan iets prachtigs zijn. Maar het heeft verdomd veel moeite en middelen nodig om het te kunnen bereiken. En dan is mijn vraag.

Is het reguliere onderwijs daar wel klaar voor? Ik lees en hoor voorbeelden van hoe stroef het gaat om de juiste weg te vinden voor alle partijen. Ik hoop dat er ook vele verhalen zijn waar het wel lukt om samen de juiste weg te vinden en het kind de juiste begeleiding te geven die het nodig heeft.

Helaas lees ik bijvoorbeeld in dit artikel van de Knack, dat er nog een lange weg te gaan is…

En ik hoop dat de angst voor het onbekende, plaats kan maken voor een mooie samenwerking , in het belang van het kind.

#flashback 3: augustus 2015

De laatste van drie gedachtekronkels die ik twee jaar geleden had…

 

13 augustus 2015

 

Mijn lijf vind dat ik moet wachten. Ik wacht af… Maar ik ben niet geduldig, ik ben er erg mee bezig.. ik probeer van niet.. maar ik denk er bijna elke dag aan.

Ik ben erg onregelmatig…

Verdikke. Als dit niet regelmatig komt, dan weet ik ook langs geen kanten wanneer dat de kans het grootst is om…

Ik hoop dat het stilaan toch op zijn plooi zal komen. Want ik begin nu wel meer en meer te verlangen naar een broertje of zusje voor Amber!

 

 

 

 

#flashback 2: mei 2015

Een vervolg op gisteren…

 

Zondag 17 mei 2015

Na een goede twee maand pilvrij te zijn komt mijn lichaam terug op gang. Raar is dat hoor. Mannen, u bent gewaarschuwd, vrouwenpraat op komst! Jarenlang neem je die hormonen en programmeer je jou lijf naar je eigen zin. Netjes de maandstonden, geen puistjes, geen hinder van allerhande kwaaltjes (ik toch niet, andere vrouwen misschien wel). Maar eens je stopt met de pil dan zegt je lichaam AHA! en ziet ze de kans schoon je te flikken precies of we zien nog niet genoeg af om het toekomstige kind er uit te duwen er urenlang te kermen van de pijn. En dan ben ik nog zo éne die koppig een epidurale weiger… Geen spuit in mijn ruggenmerg, dank u. Maar ik dwaal af!

Mijn lijf dus. Ze bestookt mij met pijnlijke borsten, puisten, stemmingswisselingen… En laat nu net dat laatste zijn waar ik even ben van geschrokken. Het begon met enkele nachten niet goed slapen en het werd daarna gevolgd door wat ik het best kan omschrijven als verstrooidheid, minder geconcentreerd, onzekerheid die boven komt drijven.. ik zal het niet als neerslachtigheid omschrijven maar echt happy was ik niet. Ook viesgezind, zo erg dat D. mij letterlijk gezegd heeft dat ik minder moet zagen want dat het erover is. En hij had nog gelijk ook.. (maar dat zeggen we niet te luid hé ;-)) Enfin, ik was een beetje op mijn ongemakken… Bang om terug de volledige controle over mezelf te verliezen, je eigen ik die precies stilletjes aan verdwijnt… Het deed mij direct daar aan denken! Die stomme ziekte… Het goede nieuws is dat mijn maandstonden bijna gedaan zijn en de symptomen daarbij ook verdwijnen! Wat ben ik blij! En opgelucht…

Alles komt dus terug op gang en ik hoop zo hard dat het niet lang meer zal duren 🙂 Vooral nu er enkele vriendinnen net bevallen zijn van hun kleintje, doet mij nog meer verlangen naar het onze!

 

 

Flashback #1: januari 2015

In 2015 waren dit mijn gedachten. Die schreef ik toen neer maar publiceerde ze niet. Zo volgen er nog 2. Dit is de eerste…

 

3 januari 2015

We hebben net enkele winkeltjes afgeschuimd, hebben ons opgewarmd in een gezellige tearoom. Het is koud maar we zijn alle drie goed ingepakt en gaan voldaan richting auto. We nemen de vestingroute, wat mooi en gezellig wandelen is. De zon schijnt en we praten. Wandelen praat makkelijk. Het gesprek gaat richting toekomst.

Op dit moment gaat het goed met ons drietjes. We hebben onze draai goed gevonden en in de opvoeding van A. komen we goed overeen, zitten we op dezelfde golflengte. We zijn ook beiden van mening dat er wel wat tijd tussen twee kindjes mag zitten. A. zal eerst naar school gaan.
We praten over een tweede kind. Ik vertel hem mijn idee. Stoppen met de pil in februari-maart en afwachten hoe mijn lichaam reageert. Vorige keer duurde het drie maanden en half eer de eerste kans er was op zwanger te geraken. Daarna terug een goeie twee maand. Uiteindelijk stopte ik in maart en was ik zwanger eind het jaar. Een gemiddelde tijd.
We besluiten om in februari/maart te stoppen met de pil en vanaf augustus ongeveer te gaan voor een tweede kindje. Nu voel ik me er nog niet 100% klaar voor maar ik voel wel dat ik het meer en meer wil.

Spannend hoor 🙂

 

Naar aanleiding van Emiel zijn eerste verjaardag, overmorgen…