Een bewogen jaar

2014

Een jaar niet zonder slag of stoot. Ik heb er eventjes over moeten nadenken, over wat ik wel of niet in dit blogje ging schrijven. Ik post niet zoveel maar toch denk ik er soms dagen over na. Niet constant, maar meestal zweven de woorden een tijdje rond in mijn hoofd, vooraleer ze hier komen. Tja, ik ben een peizer, een denker. Daarom voelt het vaak zo goed, eens ik er een gedacht van maak en alles wat hier in het koppie zit op te schrijven. Vaak wil ik ook meer tijd maken om te schrijven, maar voorlopig lijk ik daar niet zoveel zin in te hebben. Hoewel ik het graag doe. Maar kijk dat is dan weer de aard van het beestje, om uit te stellen 🙂

Bereid u voor want ’t is ne langen…

Eigenlijk wil ik beginnen met het einde van 2013. De nacht van 30 op 31 december, toen ik in het ziekenhuis lag. Ik werd naar het spoed gevoerd. De ganse dag had ik hoofdpijn. Die startte van ’s morgens vroeg en werd alleen maar erger. Dafalgans van een gram hielpen niet en op den duur kon ik bijna niet meer bewegen van de pijn, die erg gecentreerd op een bepaald punt in mijn hoofd drukte, als een steen die elk zenuwcelletje plet, waardoor mijn lijf ineenkromp. De dokter kwam. Ik mocht een migrainepil nemen dat Davy ooit eens voorgeschreven kreeg maar niet nam. Daarboven kreeg ik nog een zware pijnstiller. Als die niet hielp moest ik naar spoed. En die hielp niet. Naar spoed dus.
Daar zaten we in de wachtzaal. We deden het woord alle eer aan. We wachtten. Tot ik misselijk werd en D. teken gaf dat ik misschien moest overgeven. Dan waren ze daar vlug, met hun witte jassen en karreke. Ergens in dat moment, was het er voor of er na, begon mijn neus hevig te bloeden. Het ging over en liet een grote klonter na die ik achteraf zo uit mijn neus kon halen.

Ik ben bang.
Ik heb een kind.
Ik heb een lief.

Je moet onder de scanner. We denken een migraineaanval of een virale hersenvliesontsteking. Maar als we die testen met een punctie dan is dat erg pijnlijk. We geven je een baxter met nog pijnstillers. Hoe groot de cocktail was die ik al binnen had, had je me ze in 1 hand getoond ik ging je zot verklaren. Ik neem zelden pijnstillers. Ik geef mijn lichaam ruim de tijd om zelf te vechten en meestal overwin ik alle kwaaltjes zelf. Deze keer ging ik haast smeken om alles te geven wat ze hadden, opdat de pijn weg zou gaan. Ook de angst, want nu begon ik toch wel ongerust te worden. Voor het zelfde geld is het een tumor en is het hier gedaan met mij, kunnen ze die niet opereren en moet ik gaan. Of kunnen ze die wel wegdoen en ga ik afzien. En ik heb een kind. En een lief.

De denker in mij ligt op een karretje onderweg naar de scanner. Twee moest ik er doen. Ondertussen sijpelt de baxter door. Ik ga in de scan, ik kom er uit en de pijn is weg. De pijn is weg!! Heavy shit dat baxterspul. Niets te zien op de scans, ik ben zo blij! Ik moet overnachten, ter observatie. Eens de pijnstillers uitgewerkt zijn mag ik naar huis. Het is de 31ste. Ik heb geen oog dicht gedaan want naast de kamer ligt een vrouw die ijlt van de pijn. ’s Morgens komt de dokter. De pijnstillers worden afgebouwd en als de pijn wegblijft mag ik naar huis. Rond 16u mocht ik gaan. De dag erna had ik over gans mijn lijf spierpijn en hoofdpijn. Vooral dat eerste. Elke aanraking slechts met het topje van een vinger deed pijn. Tja, de dag erna was het over. Wat het was, echt uitsluitsel heb ik niet gekregen. Het begin van 2014.

De tijd die volgt, voel ik me raar. Het slaaptekort van de voorbije dagen eist zijn tol denk ik. Ervoor voelde ik mij ook al niet 100%. Ik stel me vragen bij alles. En nu ben ik moe. Ik kan me niet concentreren, ben futloos. De dagen erna probeer ik te recupereren maar het lijkt me niet te lukken. Elke dag moet ik precies meer moeite doen en na een week sleep ik me door de dag. Al enkele dagen kan ik niet slapen. Ik denk. Maar het is niet gewoon denken. Ik pieker. Over alles. Over de kleinste dingen maar dan ook over de grotere zaken. Waar ben ik mee bezig? Ben ik wel goed bezig? Wat drijft me? Niets drijft me? Ik slaap bitter weinig, kan moeilijk uit bed en ’s avonds lijk ik me beter te voelen, maar dan komt de nacht. Dan sta ik op en begin ik een film te kijken. The place beyond the pines. Ik huil. Ik huil en kan niet stoppen met huilen. Ik lijk op. Ik blijf huilen. Ik voel mij niet goed. Ik bel de dokter…

En zo begint het jaar. Ik lijk een schim van wie ik ben en ben al mijn zelfvertrouwen kwijt. Na twee weken wil ik terug zijn wie ik was, maar ik mispak me en het verdict luidt. Vier maanden thuis, drie maanden part-time werken en vanaf Juli ben ik klaar om terug 4/5 dienst te werken.

Wij hebben als gezin een ware storm doorstaan. Mijn negativiteit in het begin, je kan het je niet bedenken hoe vlak mijn gevoelens waren… Hoe oppervlakkig ik geworden was.. Wat kon het mij schelen? Zelf mijn dochter zag ik liever slapend in haar bed boven dan beneden in haar park.. Ik geef toe dat ik de zorg alles behalve leuk vond, en ik ben nu zo blij dat het schaap nog zo klein was. En hoewel het huishouden grotendeels op D. zijn schouders viel, hij nam zijn taak goed op hem.
Hij zag af, en ik zag aan hem dat het zwaar was. En ik zag aan hem hoe content dat hij was, toen ik opeens zin kreeg om iets te doen. Al was het maar de kleine verversen. Beetje bij beetje kwam ik er door. En hoezeer ik er tegenop zag om de berichtjes en telefoontjes die ik kreeg te beantwoorden, hoezeer ik het bijna haatte om de bezoekjes te ontvangen. Toch had ik er deugd van. Hoezeer ik er tegenop zag toen D. mij bijna verplichtte om mee te gaan naar buiten. Zoveel had ik toch deugd van.

Beetje bij beetje herstelde ik. En ik ben er door. Ik ben niet beschaamd, dat ik een depressie heb gehad. Ik ben niet beschaamd dat ik me er deftig voor heb laten begeleiden. In tegendeel. Door erover te spreken merk ik dat vele mensen de dialoog aangaan en ja, hun eigen verhaal komen te vertellen. Soms gelijkaardig. En ook ik bevestig de cliché: ‘Dat had ik van jou niet gedacht, alé zeg, dat jij dat kon hebben’. Lieve mensen, niemand is er vrij van. Het ligt enkel aan jezelf of je er iets aan doet of niet. De bal ligt in jouw kamp. Nou die bal heb ik er lekker uitgekieperd. Want nu geniet ik van mijn gezin, van dochterlief, van verbouwingen, van mijn job, van mijn leven, van mijn hobby. Ik heb een mentale klik gemaakt. Ik ben meer relax. Ik maak me niet meer zoveel druk. Ik voel mij normaal!

Ik probeerde over mijn herstel zelf niet te bloggen, omdat ik deze schrijfsels niet te negatief wil kleuren. Hoewel minder leuke momenten ook de revue passeren ging dit me dit iets te diep. Moest ik anoniem bloggen ging ik heb wel gedurfd hebben. Maar kijk, nu het voorbij is schrijf ik het graag voor je neer.

Het lijkt me een lange epistel te zijn (ben je er nog??) dus laat me nu gewoon maar verder gaan met het voorbije jaar!

Dit jaar probeerde ik ook het contact met mijn vader te herstellen. Een laatste poging, die mislukt is. Het is zo dat het moet zijn en ik heb er vrede mee.

Ik werk in een andere groep, omdat ik parttime begon en er geen parttime vrij was waar ik zat. Dit geeft mij uitdaging. Het geeft mij zin.

Dit jaar verbouwden we een groot deel van ons huis. We woonden bijna drie maand bij mijn moeder met ons 1 jarige. We hebben nieuwe riolering, nieuwe vloer, nieuwe plafonds, nieuwe muren, een entree. Zoveel voldoening!

We kochten een nieuwe auto. Een peugeot partner. Een excellente koop! Wat een handig karretje! Wie van de twee met ‘de Meriva’ de deur uit moet, lijkt gestraft want we zitten zo graag in onze ‘family wagen’.

Voor het nieuwe jaar, om het blogje toch een positieve switch te geven, zal ik je mijn nieuwe voornemens met veel plezier meegeven:

– Stoppen met nagelbijten: het is een ramp die nagels.
– Meer chillen: doe ik al, laat ons dit gewoon zo houden.
– Minder scheetjes laten: ze beginnen gewoon te komen zonder aankondiging, dat kan toch niet zo verder. Gênant hoor.
– Vaker de boven doen: Every year.. maar dit jaar echt! (en de ruiten, en het stof)
– Regelmatiger bloggen: hoewel, voor wie zijnen heilig eigenlijk 😉 Hey, kijk eens naar mijn jaarrapport?! “In een San Francisco kabelbaan passen 60 mensen. Deze blog werd in 2014 ongeveer 820 keer bekeken. Als je blog een kabelbaan zou zijn, zou die ongeveer 14 reizen nodig hebben voordat die zoveel mensen zou kunnen vervoeren.” Magere troost hoor, als ik er hier zie die 22 duizend bezoekers hebben of zelfs meer 😉 Maar hey, hoe leuk ik het ook vind dat mensen mijn krabbels graag lezen. Ik sta er niet zo vaak bij stil. Maar, misschien schrijf ik volgend jaar nen opera vol!
– Elke dag buiten kruipen. (behalve als ik een dag werk want daar komt ik al genoeg buiten) Maar echt, vanaf NU dus neem ik me voor om wanneer ik thuis ben met de kleine, elke dag buiten te komen. Al is het te voet naar de winkel, of het blokje om. Buiten gaan moet ik. Te voet of met de fiets, auto telt niet.
– Meer familie bezoeken. Ja kijk, ik heb geen nine to five job en twee op vier weekends werken, dan wil je het vrije weekend houden voor je gezin, of gewoon thuis zijn. Familie bezoeken dat komt er wel van maar niet zo frequent. Laat ons dat wat meer doen want eigenlijk is het altijd wel gezellig!
– 70 Kilo wegen. Ik wil deze zomer 70 kilo wegen! Jaaaren geleden is dat. Ik denk haalbaar.
– Sporten. We wachten op de basic fit, goeikoop zweten. Wat wil je nog meer.
– Vaker naar de kapper gaan. Twee keer heb ik mijne froufrou al zelf bijgesneden sinds mijn nieuwe coupe. Scheef en nog schever tot het zo kort kwam dat ik tegen mezelf moest zeggen: ‘komaan fitte! Nu moet je het goed doen of het trekt op de zak!’ Volgende keer ga ik best naar mijn ceedeetje. Jammer dat hij zoveel kost.

… Mijn hersenspinselkrabbels …

Advertenties