‘Mama, kijk, de ziekenwagen! Voor de mensen die dood zijn’.

‘Dat is vooral voor de mensen die hulp nodig hebben. De mensen in de ziekenwagen proberen de mensen te helpen, zodat ze niet doodgaan.’

‘En als de mensen dood zijn dan slapen ze’.

‘Als er iemand dood is dan zijn ze weg, voor altijd’.

‘Ja, en als ze dood zijn dan zijn de ogen toe!’

‘Ja,… dan zijn de ogen toe…’

IMG_20170903_222401

Ik geniet er stiekem van. En ik wil een labelmaker!

Ik hou van de gesprekken die we hebben. 4 Jaar is een leuke leeftijd. Ik probeer niets te verbloemen. We praten over de dood. Of over andere dingen. Soms vind ik het moeilijk om uit te leggen hoe de vork in de steel zit. Soms leg ik het met handen en voeten uit, en zie ik dat ze het nog niet snapt. Dan denkt ze na, staart ze, of zwijgt ze. Om er later misschien nog eens over te beginnen.

Soms komt het ook mijn oren uit hoor. Om altijd en overal een uitleg te moeten geven op alles. En ja, ik zeg ook soms eens gewoon: Daarom! Die van ons praat en vraagt de dag door. Ze heeft ook haar eigen gedacht. Vooral dat laatste is soms zo ongelofelijk grappig. Die grote manieren in dat kleine lijf.

Dat kleine lijf startte vandaag haar tweede dag in de tweede kleuterklas. Er zullen op Facebook wel veel foto’s verschenen zijn van kindjes met de boekentas. Uitgedost met nieuwe kleren en schoenen. Hun haren netjes in de plooi. Een nieuwe boekentas misschien. Ik zal het niet gezien hebben.

Wij waren op de eerste schooldag bijna te laat. Nog net niet de laatste denk ik. Ook ik wilde haar haar nog in twee vlechten doen. Toen ze thuiskwam waren ze er al uit. Al dat werk.. dacht ik.

Hoewel de vakantie redelijk goed gevuld werd en die naar mijn gevoel veel vlugger ging dan vorig jaar, ben ik ongelofelijk content dat de school terug begonnen is. Terug wat structuur, routine, een beetje rush. Dat heb ik wel nodig en het doet mij deugd. School en vakantie, daar zit bij ons een duidelijk verschil in. Hoe vaak hebben we niet gezegd: omdat het vakantie is… Extra ijsjes, smoefeling, laat opblijven, in pyjama blijven tot de middag, veel meer tv als anders… Leuk en goed zolang het duurde. Het structuurbeestje in mij doet een vreugdedansje en we bollen rustig verder met een kleine versnelling hoger.

 

 

Advertenties

Amber gaat naar school

Dat elke kleine pagadder naar school gaat, dat is normaal. Elk kind gaat naar school. Punt. Ik had dan ook niet gedacht dat ik er zo een spel van ging maken.

Het begon al een dag of drie vooraf. Ik kon de slaap niet vatten. Laat gaan slapen, wakker liggen… Door het slaaptekort verlies ik mijn focus, wordt ik wat bitsig, vergeet ik vlug,… Ik vond het al raar en kon het niet direct ergens aan linken. Behalve dan de hormonen, maar dat was het niet, ik voelde het. Als ik niet kan slapen dan stelt me dat direct ongerust…

Dag 1. De ochtend dat ze naar school gaat spring ik uit bed. Samen met Davy. Hij nam een dag verlof om mee te gaan. Opeens twijfelen we of we er wel goed aan doen om samen te gaan. Miljaar zeg.. Naarmate de ochtendminuten voorbijtikken.. Ik draai mezelf op.

Heb ik wel genoeg info gevraagd.

Wanneer gaat die bel weer?

Waar moet ik ze nu weer afzetten?

En halen?

Ik heb het gevoel niet genoeg voorbereid te zijn en dan heb ik stress.

A. trekt het zich niet aan en gaat gemakkelijk mee. Samen met papa. Wat ben ik blij dat hij meegaat. Als is het maar om moeder samen te rapen als ’t nodig is.

Bij de klas wordt er gesocialised met twee mama’s en een papa. Ik betrap mezelf erop hen met vragen te bestoken. Wanneer gaat de bel, waar moet je ze afzetten, waar haal je ze op.. Ze lijken het niet erg te vinden. A. gaat mee in de klas na dat we een zoen geven. We wandelen weg. Opeens valt haar frang en komt ze al wenend de gang terug ingelopen. Juf neemt haar wenend terug mee en ik, ik wandel weg en probeer tranen te bedwingen door schaapachtig te lachen…

Toen we ze terug gingen halen kwam ze uit de klas met muts en sjaal (hah! en NU wil je wel je sjaal dragen!) enal. We bestookten ze thuis met vragen terwijl ze waarschijnlijk gewoon op het gemaksje haar stuutjes wou opeten. Toen zei ze opeens.. ‘Aaron’.. En de eerste contacten werden gesmeed…

Dag 2: Ze lijkt het ganse epistel van gisteren al vergeten. Ze neemt haar ‘tassenboek’ en gaat gewillig mee in de auto. Opeens zie ik ze haar schoolkoeken opsmoefelen. Ik neem ze af en probeer haar duidelijk te maken dat dit de koekjes zijn voor in de klas. Maar met een krijsende peuter die schreeuwt, alsof je het laatste stukje voedsel afpakt dat ze ooit nog zal eten, kan je niet echt redeneren.. Alegow, denk ik, we zijn goed begonnen. Gelukkig is het maar twee minuten rijden met de wagen (ik moest erna nog ergens naartoe hoor) en stopt ze met wenen als ik ze uit de auto haal. Gelukkig want ik had geen zin om met een schreeuwende peuter de school in te wandelen. Deze keer wil ze haar boekentas niet aan haar kapstok hangen (aja die koeken é). En dan komen de traantjes. Gelukkig komt juf met haar juffenzintuig en neemt ze mee naar de klas, waarop ik wegwandel. Met elke stap die ik neem, verdwijnt haar geween op de achtergrond. En ik hoop dat het niet lang duurt. Maar dat zal wel niet.. Als ik ze ga halen zit ze op het bankje, lijkt ze tevreden, vertelt ze vanalles dat ik niet begrijp. Thuis aan tafel eten we soep en stuutjes en zegt ze: ‘Jade’, kindjes spelen…