Recupereren

Ik rij naar huis na een lange werkdag. Op de radio is men aan het praten met een jong meisje. Op de achtergrond hoort ze iets van geluid. Ze vraagt of het hondje op de achtergrond ook van one direction houdt (want daar ging het over). ‘Dat is mijn broertje’, zegt de meid. Waarop de radiomadam het weg lacht. Zou ik ook doen denk ik bij mezelf. Zou mij ook overkomen, zo een uitspraken. Jammer dat ik ze niet onthou of ze stonden hier regelmatig eens op de blog. Ik vond het wel grappig.

Het was een zwaar weekend en het zat nog in mijn kleren. Dat is dan zo zeker, als je ouder wordt. De meesten denken nu waarschijnlijk, hoor ze, nog zo jong.. Maar ja het is wat het is, ik heb precies meer tijd nodig om te recupereren dan vroeger. Zaterdagavond zijn we gaan eten naar vrienden. A. sliep in een reisbedje en het liep uit tot 3u30. We zijn dan maar blijven slapen. Om 6u45 was ze wakker. Na drie uurtjes slaap zaten we een half uurtje later met het bevriende koppel en de kindjes aan tafel koffiekoeken te eten. Het was erg gezellig. We babbelden wat na over de avond voordien. Het was de eerste keer dat we het lief ontmoetten van onze andere vriendin. Die heeft 4/5 van de avond liggen slapen en snurken in de zetel en kwam alleen aan tafel om te eten en te drinken. Toen hij niet sliep keek hij naar een film op TV. En hoewel de gastvrouw de tv al drie keer verzet had op studio brussel, hij nam het bakske en verdraaide het steeds. Alé, het was gezellig hé! Zei ik nog toen hij wegging. Hij zal het niet gehoord hebben gezien hij slaapdronken en zonder iets te zeggen de deur uit ging. Hij zal nogal gekeken hebben in de spiegel toen hij opstond de dag erop, wanneer hij ontdekte dat hij mocht frotten om zijn gezicht proper te krijgen, die we vol getekend hadden met zwarte stift toen hij sliep.
Aaaahja die moet het mor weten!

Die ochtend vertrokken we naar huis. Om ’s middags al om 14u30 paraat te staan voor de jaarlijkse familiebijeenkomst. Koffie en taart, en daarna drank. Voor mij water aub.

Maandag was ik thuis en deed ik ’s middags een noenetuksje.

En vandaag was ik maar nen oovn, ‘een halven’.

Bonux, kwestie van gezond verstand

Klop klop klop. Ik trappel naar de deur en doe ze open. Een bel hadden we nog niet. Nu wel. Ze doet van jingle bells, lekker in de kerstsfeer zijn, ook met de bel. Vroeger had mijn ma een kerstman hoofd naast de ingang, zodat telkens je er kwam, hij zong van HO HO HO, MERRY CHRISTMAS! Dan bewoog zijn mond en baard op en neer, ik vond het geweldig! Enfin, dit vollédig naast de kwestie.

De deur zwiert open en daar staat mijn lieve vriendin. We kennen elkaar van het derde middelbaar. Daar waren we onafscheidelijk. Dankzij haar ben ik de richting opvoedster gevolgd. Op professioneel vlak zijn we elk een andere richting gegaan, maar onze vriendschap die blijft bestaan (schoon hé, en het rijmt). Elk weerzien is telkens lachen geblazen en er wordt serieus wat gebabbeld en gezwansd op een manier zoals enkel vrouwen dat kunnen. De fles cava wordt gekraakt. Gans de morgen had ik gekookt, want onze andere vriendin kwam ook. Voor hen doe ik graag mijn best en voor ik het wist zaten we volop te kletsen. De kleine was er natuurlijk ook. Ze was niet in haar doen. Het was al de vijfde dag dat ze diarree had. Verder dan dat speelde ze, sliep ze goed, hoewel wat meer of anders, at ze goed en was ze gewoon zoals anders. Maar met die slappe enorm stinkende gele stoelgang. Ja kijk, ik ben geen overbezorgde moeder. Ik probeer rationeel om te gaan met elk kwaaltje en niet bij elke scheet bij de kinderarts te gaan staan. Maar deze morgen was er iets anders. Haar kaken stonden rood, maar meer dan anders. Ook mijn vriendin had het opgemerkt. Maar ze krijgt volop tandjes, zei ik. Dat verklaarde volgens mij ook de diarree, want dat had ze altijd als er tanden zaten te duwen. Na het eten doe ik haar slaapzakje aan en stop ik ze in bed. Ze huilt veel, maar ze zat er later in dan gewoonlijk en ik dacht, ze is erover aan het gaan van vermoeidheid dus ik laat ze wat wenen. Maar het stopte niet.

De vriendinnen en ik keken elkaar aan, en met die blik sta ik recht en ga ik naar boven. Ik haal ze naar beneden en zet ze op de verzorgingstafel. Daar ontdek ik wat rare rode vlekken in haar gezicht. Ik piep onder haar body en ook op haar borst een grotere rode vlek. Ik roep mijn vriendin erbij, die zelf twee kindjes heeft. ‘Mo gow wi zeg wuk is da ier zeg?’ (Moet je nu eens zien, wat is dat)
In alle kalmte maar toch wat paniekerig kleed ik haar uit op zoek naar andere vlekken. Mijn vriendin merkte mijn nervositeit op want ze was bij de pinken. Maar toch bleef ze kalm, zoals een goede vriendin dat is op zo een moment. Terwijl we er nog ontdekken, op haar rug, op haar benen, overal rode vlekken.
Inderdaad, toen ze wakker was deze morgen zag ik een rode vlek op haar knie, maar ik dacht dat dit een drukplekje was. In een mum van tijd hadden de vlekken zich dus verspreid. Sommige verdwenen en verschenen dan ergens anders, andere bleven erg groot. Ik haal mijn briefje over kinderziektes uit de verzorgingstas en samen met de vriendin loop ik de symptomen af. 1 Vermoeden, maar verder niets. De dokter wordt gebeld. Die komt redelijk vlug, gezien mijn nerveus telefoontje zal die zich wel gerept hebben.

Klop klop klop.

‘Aaaaah champagne!’ zegt ie terwijl hij kijkt naar de glazen en hapjes op tafel. Als twee betrapte tieners ruimen de vriendinnen wat op en proberen excuses te verzinnen om uit te leggen waarom drie meiden hier op een vrijdagvoormiddag cava zitten te drinken. Ik heb binnenpretjes en vind het een komisch zicht. De dokter onderzoekt de kleine. ‘Het is Utricaria’, zegt de dokter.
‘Wat?’, zeg ik.
‘Utricaria’.
Zeg dan toch wat dat is ik ben geen dokter, doe niet zo geleerd, praat eens normaal zeg!!
‘En wat is dat dan?’, vraag ik.
‘Een allergische reactie, ze heeft iets gegeten of gedaan, anders dan anders, iets nieuws vastgenomen, iets anders gegeven misschien?
Neen, zeg ik. Niets nieuws. Ocharme het kind zat vol vlekken. Ze zag er maar mottig uit. Mijn geheugen is een zeef, maar ik wist al vlug wat de dader kon zijn. Niet lang geleden kocht ik Bonux van de eco-discount. Het goedkoopste in vergelijking met de rest. Daarmee had ik net quasi al haar kleertjes gewassen en dit was hoogstwaarschijnlijk de boosdoener.

Inderdaad, na kledij aan te doen wat niet met dit product gewassen werd, verdwenen de vlekken langzaam.
Ik was blij dat ik wist wat er aan de hand was. Ik kreeg ook pilletjes mee tegen de diarree. Die stond er helemaal los van, van het Bonuxgedoe. Hij bekeek mij wel wat raar zo van welke moeder laat haar kind nu vijf dagen met de vliegende spetter rondlopen. Hij stelde wel beleefd een medicament voor en vroeg daarna zijn centen.

Na al dat hectisch gedoe was ik blij dat alles in orde was, schoven we de voetjes onder tafel, en genoot ik van een leuk middagje met the girls!

Duivels!

Natuurlijk deden onze duivels het! Jaja ook hier hangt de vlag trots te wapperen uit ons raam. Ik doe helemaal mee aan de voetbalmadness. Mocht ik kunnen gaan kijken ik zou het niet laten. Gewapend met allerlei duivels gadgets spraken we af bij vrienden om de match te gaan bekijken. Superspannend vond ik het. Met chips, bier en hamburgers (byebye dieet). Tot zondag, duiveltjes!

image

Stoeferij

Ik heb wel een aantal dingen waarover ik kan stoefen. Jaja, en dit ga ik nu eens lekker doen.

* Ik heb een zuid gerichte tuin. Oké, ’t is een klein gegeven, maar toch wel belangrijk. Wij kunnen van ’s morgens tot ’s avonds continu genieten van de zon op ons smoel, en dat op ons eigen terras. Het hoeft vernieuwing, ons terras, maar daar denken we niet aan als we in de zomer bijna dagelijks buiten eten, in of uit de zon. Daarachter ligt nog een tuin van perfecte afmeting met weinig onderhoud. En als je er zit, waan je je niet in het stad, en hoor je zelfs de vogeltjes weelderig fluiten en een badje nemen in het grondeke water dat staat in de ton verderop. Genieten! En bovenal, ’t is allemaal van ons! (Alegow, binnen een jaar of 28)

* Een wolk van een dochter die de klok rond slaapt, goed eet en altijd welgezind is.

* Een kanjer van een wederhelft die volop zijn verantwoordelijkheden neemt. Een toegewijde vader, een manusje van alles, een werker, een handige Harry én een poetswonder. Zo kom ik gisteren thuis van een 11 uren dagje werken. Is de haag geschoren, de vaatwasser geleegd en gevuld, de beneden opgeruimd en gepoetst, de zetel gestofzuigd én deed hij nog wat kleine boodschappen. Op zijn vrije dag. Verder staat hij bijna altijd op voor de kleine en blijf ik meestal nog wat liggen. Omdat ik geen ochtendmens ben, en hij wel.

* Een goede vriendenkring. Mijn madammen, ik zou ze voor geen geld ter wereld kunnen missen. Een bendeke van drie, ik en twee vriendinnen die al meegaan van het derde middelbaar. We spreken nu en dan af en dan gaan we drie uur naar de sauna, met twee flessen cava mee. Vrijdag was het zover. Daarna gingen we uit en kwam ik om 3u30 thuis. En in Juni staat de date gepland met mijn andere madammen van ’t school. Nog iets om naar uit te kijken! Ze zijn ook mijn steun geweest toen ik het even moeilijk had.

* Een leuke job, waar de tijd vliegt en ik te horen kreeg dat ik er meer uren mag doen en dat ik er mag blijven. Yeah!

* Toffe schoonfamilie, waar het heel goed mee klikt. Als ik sommige anderen hoor over hun schoonouders of schoonzussen krijg ik soms compassie. Wij daarentegen gaan met plezier bij elkaar over de vloer en organiseren etentjes bij elkander.

Tot zover mijn stoeferij ;-))